![]() |
| (Foto: De Standaard) |
‘We hebben nog tijd voor één nummer’, zei Glen Hansard, net voor hij de AB trakteerde op nóg vier nummers. Geen geval van bisronde-overmoed: het publiek zong, wiegde en klapte van begin tot eind. (2 oktober '15)
Hansard verdiende zijn strepen al buskend in de straten van Dublin en heeft op zijn eentje genoeg charisma om een podium te vullen. Zoals toen hij vertelde dat hij op zijn nieuwe plaat de woorden ‘love’ en heart’ zo veel mogelijk vermeed, door die steevast te vervangen door ‘cock’. Waarna hij ‘Love don’t leave me waiting’ inzette. De AB leek plots geen concertzaal, maar een gezellig bruin café.
Nadien maakten de strijkers een comeback, maar dit keer bleken ze een meerwaarde voor albumtoppers als ‘Mercy her’ of ‘Wedding ring’ – voor de gelegenheid gezongen door de boterzachte stem van de schuchtere, 65-jarige trombonist Curtis Fowlkes. Daarmee luidde Hansard een indrukwekkend slotoffensief in. ‘Falling slowly’, een song waarvoor hij een Oscar kreeg, zong hij met een kind uit het publiek, bij ‘Say it to me now’ schreeuwde hij zich zonder micro heerlijk schor, en met de Daniel Johnston-cover ‘Devil town’ kreeg hij de hele AB aan het vingerknippen.
Hansard ziet er misschien uit als de buurman van wie je een boor leent – als die buurman een rosse Ier is – maar hij is wel het soort muzikant dat erin slaagt je het gevoel te geven dat je naar een optreden zit te luisteren, in plaats van naar een cd. Een steeds zeldzamer ras.
Glen Hansard, gezien op 30 september in Ancienne Belgique (****)
