![]() |
| (Foto: tvline) |
Wanneer mensen mij met van onbegrip doorspekt gezucht vragen waarom ik niet naar televisieseries kijk, antwoord ik doorgaans dat ik ‘het te druk heb met de film van mijn eigen leven’. Die respons heeft het immense voordeel zo tenenkrullend te zijn dat het onderwerp al snel van tafel wordt geveegd, en ik dus niet tot al te beschamende bekentenissen moet overgaan. (25 september '15)
De waarheid is immers dat ik gewoon bang ben voor series. Of tenminste: om eraan verslaafd te raken. Als een verhaal me bevalt, verslind ik het, en zelfs in die mate dat de literaire flair ervan ondergeschikt wordt aan de pure informatieoverdracht – het maakt me weinig uit met welk cinematografisch meesterschap Walter White in beeld wordt gebracht, ik wil gewoon weten hoe het afloopt. Met soms absurde uitwassen. Onlangs landde ik na enig slaperig zapwerk midden in Vikings. Voor ik het wist, had ik twee uur gespendeerd aan een dubbele uitzending vol dramatische blikken en onheilspellende maar vage toespelingen op de toekomst, en bleef ik achter vol vragen. Nog twee uur later had ik de volledige Wikipedia-pagina met de synopsis van de seizoenen 1, 2 én 3 achter de kiezen.
Nu blijkt mijn vrees wetenschappelijk verantwoord. Streamingplatform Netflix stelde na een onderzoek bij abonnees vast dat kijkers gemiddeld na vier afleveringen verslaafd raken aan een reeks. Zeventig procent van wie die episode haalt, kijkt de hele serie uit. Voor Netflix hét bewijs dat hun strategie, waarbij ze alle afleveringen van een reeks in één keer aanbieden, werkt.
Maar voor mij is het de reden waarom ik nog steeds fan ben van de traditionele tv. Misschien is het ouderwets in een era waarin bingekijken tot een kunst – en bijbehorend businessmodel – verheven wordt, maar televisie beperkt om te beginnen de keuzemogelijkheden, en dwingt de kijker bovendien in een ritme. Als ik dan toch eens aan een serie begin, rantsoeneert het zendschema mijn verhalen, en bezorgt het me een wekelijkse fix die net genoeg is om mijn ontwenningsverschijnselen tegen te gaan.
Tot het seizoen afgelopen is, natuurlijk, en ik moet wachten tot de zender het volgende kan bemachtigen. Dan wordt het wel érg moeilijk om neen te blijven zeggen tegen Netflix. Of Wikipedia.
