![]() |
| (Foto: Kris Van Exel) |
Na drie seizoenen stamkroegje spelen in uw
woonkamer, sluiten Tomas De Soete en collega-cafébaas Freek Braeckman de
tapkranen van Café Corsari definitief af. De één-talkshow krijgt geen vervolg,
en De Soete wil zich eerst bezinnen voor hij zich in een nieuw avontuur stort."Laat
Siska nu maar even de kost winnen. Ik zie nog wel wat er mijn pad kruist." (20 juni '15)
"Een drumstel, een fornuis, en een boot. Past
dat allemaal in jullie tijdscapsule? We gaan er eentje van olietankerformaat
nodig hebben, vrees ik." Wanneer we Tomas De Soete (39) op het terras van
het Antwerpse Zuiderpershuis - waar Café Corsari opgenomen wordt - vragen naar
de objecten die hij ter zijner herinnering wil bewaren voor het nageslacht,
blijkt hij behoorlijk ambitieus. Maar we kunnen hem toch overtuigen klein te
beginnen. Bijvoorbeeld met iets dat hij wil bewaren uit de drie seizoenen
waarin hij samen met Freek Braeckman een indrukwekkende parade praatgasten
ontving. "Ik neem aan dat personen niet goed bewaard blijven in zo'n
tijdscapsule? Dan kies ik toch voor een aantal van de mooie, speciaal op mijn
maat gemaakte pakken van Café Costume die ik hier mocht dragen. Daar kan ik
moeilijk afscheid van nemen."
De gewezen Studio Brussel-man blijkt zowaar een
dandy?
"Ik ben altijd al een fan geweest van
kostuums. Dat begon op mijn zestiende met het Oerkostuum: het chique
krijtstreeppak van mijn grootvader. Hij droeg het toen niet meer, want hij kon
er niet meer in. Ik herinner me nog dat ik dat kostuum voor het eerst droeg ter
gelegenheid van een of ander schoolbal, en ik dacht meteen: holy shit,
misschien moet ik dit soort dingen vaker dragen. Blijkbaar was mijn postuur als
zestienjarige vergelijkbaar met dat van mijn grootvader in zijn jonge tijd,
want mij zat het als gegoten. Het zal ook zowat de eerste keer geweest zijn dat
de meisjes in mijn klas kwamen zeggen: verdorie De Soete, zo'n pak moet je
misschien wel wat vaker aandoen. Ik groeide al een centimeter bij de gedachte
alleen al."
"Dat heb ik nog steeds: ik voel me enorm
prettig in een pak. Het is een soort harnas dat je kan wapenen voor de strijd:
je trekt dat pak aan, en opeens ga je wat meer rechtop lopen. Dus ik hoop wel
dat ik die kostuums voor een prikje op de kop kan tikken. Al moet ik wel
beginnen opletten dat ik niet meer dressingruimte nodig heb dan mijn lief -
zo'n kostuum, dat neemt wel wat plaats in." (lacht)
Zijn er, naast het hippe kloffie, nog dingen die
je zal missen aan Café Corsari?
"Het team, natuurlijk. Dat is normaal, na
drie jaar intensief samenwerken. En de locatie. In mijn dertien jaar bij StuBru
heb ik altijd een haat-liefdeverhouding gehad met dat ongelooflijk troosteloze
betonnen gebouw aan de Reyerslaan. En dan krijg ik de kans om een liveshow te
maken vanuit het Zuiderspershuis, vanuit een authentiek café, en kwam ik in een
geheel andere omgeving terecht. Voor het werk een koffie drinken op het Zuid,
dat is wel wat anders dan elke ochtend langs die triestige bareel aan de
VRT-toren rijden. Deze plek is gaandeweg een soort kampplaats voor ons
geworden. En ik heb hier zo veel helden ontmoet: Queens of the Stone Age,
Stromae, Arctic Monkeys, Elbow… Zelfs de geur van de riolering zou ik op één of
andere manier in de tijdscapsule willen steken. Dat kon je echt overvallen, zo
vlak voor je op antenne ging: de geur van een of andere putteke dat begon te
meuren. Niet altijd even aangenaam, maar het is wel een geur die ik altijd ga
associëren met 'wow, spannend, straks begint de liveshow'."
Voor iemand die zo veel, euh, welriekende
herinneringen koestert aan Café Corsari, moet het zuur geweest zijn om je in
een aantal afscheidsinterviews te moeten verdedigen. De show oogstte kritiek
omdat hij te weinig diepgang zou brengen.
"Kritiek krijgen is natuurlijk altijd zuur,
maar ik heb het gevoel dat die de laatste tijd verstomd was. In het begin kwam
die kritiek harder aan, want ik kwam net van de radio was zelf nog enorm aan
het zoeken. Net als Freek, trouwens. Soms maak je de juiste keuze, soms zit je
er naast. Dat is natuurlijk niet prettig, en zeker niet voor iemand die dertien
jaar lang niets verkeerd kon doen op de radio en alleen maar bloemetjes kreeg.
Maar nu ben ik op het punt gekomen dat ik me daar redelijk goed over kan
zetten. Ik weet voor mezelf: het is een groeiproces geweest, en ik ben heel
fier op hoe we dit laatste seizoen gemaakt hebben. De redactie is na drie jaar
op kruissnelheid gekomen, ze is veranderd in een geweldige geoliede machine,
die gewoon goeie shows maakt. Dat blijkt ook uit de kijkcijfers: we haalden
nooit betere dan dit seizoen."
Vind je het dan jammer dat één de stekker uit de
show trekt?
"Natuurlijk vind ik het zonde: je verkoopt
bij wijze van spreken een perfect gerodeerde auto. Het is spijtig van de
energie die je erin gestoken hebt, want het is echt niet simpel om de juiste
mix in de redactie te krijgen. Maar anderzijds: de realiteit is wat ze is. Het
is te duur voor de VRT om Café Corsari nog te maken. En als er nog mensen zijn
die het jammer vinden dat we weg moeten, moeten ze volgende keer maar voor
andere partijen stemmen. (lacht) Soit, nu gelden de besparingen voor iedereen,
en dus ook voor de VRT. En ik heb liever dat de show zoals nu eindigt op een
hoogtepunt, dan dat we zachtjes wegdeemsteren."
Volgend jaar pakt de zender een gans jaar lang uit
met dezelfde talkshow: eentje van Lieven Van Gils. Een andere aanpak dan de
voorbije jaren, toen praatprogramma's als 'Hotel M', 'Café Corsari' en 'Bart en
Siska' mekaar in sneltempo afwisselden. Welke lessen kan de VRT trekken uit
drie seizoenen Café Corsari?
"Dat een talkshow vooral zijn nut heeft. Het
is natuurlijk iets waar je moeilijk mee kan scoren - wie graag eens de wind van
voren wil krijgen, moet maar een talkshow beginnen - maar mensen hebben zoiets
nodig aan het eind van de dag: een programma met een goeie balans van
ontspanning, ontroering en humor. Wie met dat register aan emoties zijn dag kan
afronden, heeft een goeie avond. Ik vind dat het tot de taak van de omroep
behoort om dat te blijven doen."
Uit een enquête van Universiteit Antwerpen blijkt
nochtans dat 39 procent van de VRT-kijkers minder talkshows wil. Ze vinden dat
er een overaanbod is, en willen meer films, documentaires en Vlaamse fictie in
de plaats.
"Tiens, echt waar? Op één is er toch altijd
maar eentje tegelijk? Toen we begonnen, zeiden de mensen ook al dat er zo veel
talkshows zijn. Toen was Villa Vanthilt er nog, en liep Kruitfabriek op Vier.
Dat was misschien wel te veel in verhouding tot de vijver waarin we visten.
Maar goed, blijkbaar komt werkt Jonas Van Geel voor VTM aan een talkshow, en
zit Vier ook op een nieuw praatprogramma te broeden. Het moet zijn dat niet
enkel de openbare omroep zulke programma's nuttig acht."
Lasagne van verrijkt uranium
Voor een man die dertien jaar voor de radio
werkte, moet het ongetwijfeld gemakkelijk zijn om een plaat voor zijn tijdscapsule
te kiezen?
(blaast) "Dat is echt de moeilijkste vraag
ooit. Liefst van al zou ik mijn volledige platencollectie erin steken. Maar dat
zou veel te veel plaats innemen, want ik verzamel vooral vinyls. Ik heb nooit
geïnvesteerd in cd's - op een of andere manier had ik altijd een soort argwaan
voor nullen en eentjes. Geef mij dan maar iets analoogs. Hoe waardeloos een cd
eigenlijk is, blijkt nu trouwens: als je tegenwoordig een vinyl koopt, krijg je
de cd er gratis bij."
"Maar om op je vraag te antwoorden: ééntje
kiezen is zo moeilijk. Het ene moment is dat een album van de Beatles, het
andere moment is dat Déjà Vu van Crosby, Stills, Nash & Young, een
meesterlijk album dat ik recent herontdekte. En een week later kan ik evengoed
Hotel California van de Eagles de beste plaat ooit gemaakt vinden."
We gaan toch streng zijn, Tomas: een mens moet
keuzes maken.
"Doe mij dan maar The Software Slump van
Grandaddy, een plaat uit 2000. Ik vond dat toen al een heel opmerkelijk album,
en leg die nu nog steeds vrij regelmatig op. Alleen al de hoes, waarop een
stort staat, ergens in de bossen, met allemaal kapotte klavieren en dode
computers. Grandaddy tourde in die periode ook met krakkemikkige instrumenten,
een hoop rommel die halverwege het optreden vaak gewoon kapot ging. Maar ze
maakten daar wel erg mooie, melancholische nummers mee."
Associeer je dat album ook met een bepaald moment
uit je leven?
"Dat heb ik meer met losse nummers. 'I'm in love with a girl', een nummer van Big
Star, is bijvoorbeeld het ultieme ik-ben-smoorverliefd-lied
- daarbij smelt je helemaal weg. Nog zo'n speciaal nummer is 'Plastic Dreams'
van Jaydee. De definitieve danstempeltrack, die ik eeuwig blijf linken aan mijn
100-dagen. Ik was achttien, de humaniora zat erop, en ik had totaal geen idee
van wat ik wou gaan doen. Ik was helemaal verward, en tot overmaat van ramp was
het meisje waar ik smoorverliefd op was dat helemaal niet op mij. Ik wist het
allemaal even niet meer, en dan was 'Plastic Dreams' de gedroomde plaat om
'whatever' te zeggen en helemaal scheef te gaan."
Je liefde voor muziek uit zich niet alleen in een
uitgebreide platencollectie: je bent ook drummer.
"Daarmee ben ik begonnen rond mijn dertien,
vijftien jaar. In het begin ging ik vooral vaak bij vriendjes spelen die een
drumstel hadden - waarbij het op den duur niet meer helemaal duidelijk was of
ik nu voor dat vriendje of dat drumstel ging. Maar uiteindelijk kreeg ik ook
mijn eigen drumstel van mijn ouders."
"Later heb ik nog een oude Ludwig-drum in de black oyster wrapping op de kop kunnen
tikken - de drum waar Ringo Starr mee speelde. Alleen had de vorige eigenaar de
originele snaartrommel laten pikken, dus hij was niet meer volledig. Ik heb nog
naar een vervangstuk gezocht op eBay, maar dat kostte al snel 2.500 euro. Dus heb
ik een jaar of zeven geleden een nóg oudere Ludwigdrum gekocht, uit 1985, die
veel beter klinkt."
Speel je nu nog vaak?
"Niet zo heel veel meer. Onlangs speelde ik
een paar nummers mee met de coverband van een cafébaas uit de buurt. Die man
heeft jarenlang waanzinnige bedragen verzameld voor Music For Life, en nu trad
hij op voor weer een ander benefiet. En onlangs ben ik nog eens samengekomen
met het lowfi-bandje waarin ik ooit speelde, Autopilot. In 2002 deden we mee
aan Humo's Rock Rally, al was dat wel onder de schuilnaam Driver, want we waren
zo'n schijtlaarzen dat we ons niet onder onze eigen naam durfden inschrijven.
We hebben dat groepje ook nooit écht serieus genomen, hoewel onze vriendenkring
bleef zeggen: gasten, gaan jullie nu eens een plaat uitbrengen, of hoe zit het?
Maar we hadden nooit zin om ons kapot te repeteren of tot in den treure
deuntjes in te blikken in de studio. We namen gewoon een ruwe versie op met een
fourtrackrecorder, en we hadden ons nummer. Op den duur begonnen onze vrienden
te grappen dat onze kinderen nog sneller een plaat zouden uitbrengen dan wij.
Maar je raadt het nooit: het heeft er alle schijn van dat we dit jaar dan toch
een plaat gaan uitbrengen." (lacht)
Had Herman Schuermans dat maar geweten toen hij
een vervanger voor Foo Fighters zocht. Vanwaar het nieuwe elan?
"Een van onze bandleden belandde twee jaar
geleden toevallig op een site van een Italiaan die allerlei mixtapes verzamelde
van lowfi-bandjes uit de jaren negentig. Hij had een volledige inventaris opgemaakt,
en daar zat ook een tape van ons bij. Die Italiaan bleek een klein platenlabel
te hebben dat vinylpersingen doet in kleine oplage - als je er 200 van bestelt,
zorgt hij voor handgeschilderde illustraties op 50 van de hoezen."
"De afgelopen twee jaar hebben we ons dus
tussendoor beziggehouden met halfvergane harde schijven te reanimeren, op zoek
naar die demo's van weleer. We wilden er vooral niet te veel meer aan doen -
niet alleen omdat we daar geen zin in hadden, maar ook omdat de blutsen en builen
in die nummers wel iets hadden. Soit, nu wordt die mixtape gemasterd, en
normaalgezien krijgen we in het najaar een vinylplaat."
Wie weet hoor je jezelf dan nog eens op Studio
Brussel. Wil je eigenlijk iets uit je 13 jaar bij de jongerenzender in de tijdscapsule
steken?
"Goh, ik had graag een oude Nagra
scheefgeslaan. Toen ik bij Studio Brussel begon, diende het digitale tijdperk
zich net aan. In elke redactiekast stond er wel nog zo'n oude bandrecorder waar
jarenlang alle Wetstraatinterviews mee gedaan werden. Echte Zwitserse
degelijkheid, een soort oermachine die zelfs in de meest moeilijke
omstandigheden, waar alle digitale spul het laat afweten, toch blijft draaien.
Maar ja, dat doe je niet hé, dingen pikken van de openbare omroep. Ik hoop wel
echt dat ze die dingen niet gewoon verpatst hebben, want die micro's zijn nu
duizenden euro's waard."
Vinylalbums, krakkemikkige instrumenten,
prehistorische microfoons - je hebt het wel voor oude speelgoedjes.
"Inderdaad. Als ik ergens een toffe basgitaar
zie, kan het me niet schelen dat ik eigenlijk niet zo goed kan bassen. Dan denk
ik gewoon: dat verliest nooit zijn waarde. Toen vijf jaar geleden het
onthutsende bericht kwam dat Technics zou stoppen met de productie van de
SL1200, de pick-up der pick-ups, heb ik er ook twee extra gekocht. Nu heb ik
dus vier pick-ups, gewoon omdat ik niet op een dag wil vaststellen dat ik er
geen twee meer heb die werken."
"Ik heb het wel voor dingen die met
uitsterven bedreigd zijn. Goeilampen, bijvoorbeeld. In onze living hangt een
magnifieke buisgloeilamp die een heel mooi licht geeft. Oké, het zijn niet de
meest ecologische lampen, maar toen ik wist dat de EU die ging verbieden, heb
ik wel meteen een hele voorraad gehamsterd. We hebben er nu vier hangen, en ik
heb toch zeker nog een lot van twaalf lampen liggen. Het zou toch zonde zijn om
wat Thomas Edison ons ooit gegeven heeft zomaar in één klap te zien
verdwijnen?"
"Maar je kan die oude dingen ook een moderne
toets geven, hoor. Ik ben bijvoorbeeld enorm verliefd op mijn fornuis - dat
moet zeker in die tijdscapsule."
Je bent een hobbykok? Et tu, De Soete?
"Een hobbykok is veel gezegd, maar ik kook
ontzettend graag. Alleen had ik de laatste tijd, door de opnames van Café
Corsari, nooit veel tijd om dat te doen. Bovendien heb ik de afgelopen drie
jaar in een oud, te renoveren huis gewoond, waarvan de keuken niet meteen
gerieflijk was. Maar nu hebben we eindelijk verbouwd, en heb ik mijn
droomfornuis kunnen kopen: een soort Leuvense stoof van het Britse merk Esse.
(enthousiast) Dat is een handgemaakt, gietijzeren fornuis dat op gas werkt, met
twee ingebouwde ovens en een hotplate. En het werkt ook als verwarming: je
krijgt er meteen de hele ruimte warm mee."
Niet het soort fornuis waar je snel even een eitje
op bakt, lijkt me.
"Toch wel, dat warmt redelijk snel op. En het
toffe is: als ik eens een biefstukske wil bakken bij thuiskomst, is er een app
waarmee ik al van in de auto mijn stoof kan aanzetten, zodat ze opgewarmd is
tegen dat ik thuis ben. Als dat geen mooie combinatie van oldschool en
hypermodern is." (lacht)
"Intussen is die stof de plek geworden waar
iedereen zich rond schaart bij etentjes - een enorm gezellige boel. Het enige
nadeel is dat er geen venstertjes in de ovendeuren zitten, en dat je dus niet
mag vergeten dat je er iets in gestoken hebt. Vorige week rook Siska
(Schoeters, de StuBru- en één-presentatrice waarmee De Soete sinds 2008 een
koppel vormt, red.) bijvoorbeeld een vreemde geur: bleek dat ze er de dag
ervoor een lasagne in de stoof gezet had. Die was ondertussen bijna verrijkt
uranium geworden." (lacht)
Een paar weken geleden kreeg je van Siska zelfs
nog een nieuw speeltje voor je verjaardag: een heuse boot.
"Dat was een ongelooflijke verrassing. Ik heb
in het Waasland een stuk grond gekocht waar ik graag een werkplek wil bouwen,
een studio waar ik weer met muziek zou kunnen bezig zijn of podcasts zou kunnen
maken, en daar ligt ook een vijver. En ik zit al lang in mijn hoofd met een
bootje voor op die vijver, om wat te kunnen ploeteren, of rond te dobberen met
de kinderen. Siska heeft dan voor een verrassingsfeestje al mijn vrienden
opgetrommeld om samen te leggen voor een bootje. Maar er waren zoveel mensen
afgekomen, dat het uiteindelijk een veel te grote boot is geworden: nu zit ik
daar met een stalen roeisloep van 4,5 meter. (lacht) Siska maande me aan om die
boot tijdens dat feestje in het water te leggen, maar dat zou zonde zijn, want
eigenlijk is die boot perfect om op de Schelde te gaan varen - en we zouden hem
nooit meer uit die vijver gekregen hebben. Ik moet gewoon nog even sparen voor
een buitenboordmotor, en dan kan ik van ons huis in Temse zó naar die studio
varen met de Palingvreter."
Dat is niet bepaald de meest glamoureuze naam voor
een boot.
"Tja, de boot had nu eenmaal al een naam. En
zoals echte zeebonken weten mag je nooit de naam van het schip veranderen, want
dat brengt averij met zich mee."
Heb je al een kapiteinspet?
"Dat niet. Ik zal misschien beginnen met
zwemvesten voor mijn kinderen te kopen. (glimlacht kamerbreed) Ik ben wel
ontzettend blij met die boot. Als achtjarige ging ik bij Bloso al met
optimistjes zeilen, en die liefde voor bootjes is altijd gebleven. Ik droom er
nu al van om van bij mij thuis naar Antwerpen of Gent te varen, en ondertussen
een aperitiefje te drinken onderweg. Er is gewoon niets leuker dan bootjevaren.
(stilte) Als we die boot ook in de tijdscapsule willen steken, gaan we een
olietanker nodig hebben, zeker?"
Achterlijke Bracke
Herinner je je nog het moment waarop je voor het
eerst besefte: ik ga een groot deel van mijn leven achter een microfoon
doorbrengen?
"Dat heeft lang geduurd. Als kind was ik
vooral enorm geïnteresseerd in techniek. Toen ik als klein manneke op de Gentse
feesten kwam, had ik meer oog voor de PA die in een boom gesjord was dan voor
Walter De Buck of Raymond Van het Groenewoud. Die fascinatie voor techniek ging
zelfs zo ver dat ik lange tijd architect wou worden - tot ik op mijn achttiende
besefte dat ik niet overal lelijke fermettes wou gaan neerpoten."
"Ook de universiteit bleek niet mijn ding,
dus greep ik terug naar wat ik in het begin graag wou doen: radio maken. Ik was
het soort kind dat mixtapes maakte voor op de reis naar Frankrijk - dan ging ik
vooraf mijn moeder interviewen, en zorgde ik met twee cassetterecorders dat
liedjes perfect in elkaar overvloeiden. Er zijn foto's van mijn broer en ik aan
een tafel met allerlei rommel bij elkaar: een radio, maar ook een broodrooster
of een mixer - hoe meer kabels, hoe groter onze studio was. Gek hoe je die
passies uit je jeugd plots vergeten lijkt op je achttiende. Ik moest toen echt
zoeken naar wat ik wou gaan doen met mijn leven - ik was even volledig de draad
kwijt."
Overvalt die besluiteloosheid over je toekomst je
vandaag opnieuw? Nu Café Corsari een afgesloten hoofdstuk is, lijken er bij de
VRT geen nieuwe projecten voor jou op stapel te staan.
"Nu weet ik veel beter wat ik kan en niet
kan, wat ik wil en niet wil. Dat maakt het makkelijker om keuzes te maken.
Alleen heb ik er nu nog geen gemaakt. Vroeger wist ik inderdaad altijd met welk
project ik het volgende jaar bezig zou zijn, maar het eerste waar ik nu naar
uitkijk, is vakantie."
En intussen wordt Siska de kostwinner thuis?
"Inderdaad. Laat haar maar wat werken ook.
(lacht) Ik vind het wel prettig dat ik op een punt gekomen ben waarop ik rustig
kan nadenken over wat ik echt wil."
Laat ons anders even samen de oefening maken: zou
je liever op tv blijven, of terugkeren naar de radio?
"Eerlijk: ik weet het nog niet. Ik heb het
gevoel dat ik nog veel kan bijleren over tv maken, en ik zou dat ook wel tof
vinden. Maar ik heb het medium radio en al zijn eenvoud ook wel enorm gemist.
Daar kan je alles op technisch vlak volledig onder controle hebben, het hele
ruimteschip zelf besturen. Dat gaat bij tv niet. Maar goed, ik ga deze week
eens met mijn baas praten. Eens zien wat hij ervan denkt."
Je staat toch niet op de lijst met "creatief
uitgebluste VRT-sterren" waar NV-A-politicus en ex-VRT-coryfee Siegfried
Bracke in mei mee zwaaide?
"Tja, Bracke. Is hij zelf geen voorzitter van
die lijst? Daar kan ik echt onnozel van worden. (zucht) Een lijst van
uitgebluste figuren, waar haalt hij het."
Er moet iets van aan zijn: begin deze maand zei
een VRT-vakbondsman nog dat heel wat schermgezichten ten prooi gevallen zijn
aan overmatige stress en burn-outs.
"Dat is in andere bedrijven niet anders: er
wordt alsmaar meer verwacht, met alsmaar minder mensen. Daarom word ik ook
kwaad van dat soort achterlijke uitlatingen als die van Bracke. Bij Studio
Brussel hebben wij jarenlang met steeds minder mensen steeds betere dingen
gemaakt. Dan word je natuurlijk doodgeknuffeld als schoolvoorbeeld van
efficiëntie. Maar je moet realistisch zijn: Studio Brussel is bevolkt met
jonge, ambitieuze, gedreven mensen, met goesting om te werken. Je kan niet verwachten
van iemand met een gezin dat die ook veertien uur per dag voor de schone zaak
gaat zitten werken. Er zijn nog andere dingen, hé. En als je Bracke dan over
zo'n lijst hoort praten… Sorry hoor, maar ik denk dat we in de politiek ook wel
zo'n lijst kunnen opstellen."
Heb jij in de voorbije jaren eigenlijk nog
programmavoorstellen gedaan aan de VRT? Weg met De Soete, je
Canvas-reisprogramma uit 2008, werd destijds niet slecht onthaald.
"Absoluut, maar ik ga natuurlijk niet
vertellen wat ik dan voorstelde, want die programma's kunnen er nog altijd
komen. Ach, eigenlijk ben ik altijd al enorm verwend geweest: ik heb altijd wel
kunnen maken wat ik wou. Telkens ik me ergens dreigde te vervelen, kwam er weer
een ander plan. Ik blijf er nu dan ook vertrouwen in hebben: op het juiste
moment zal het juiste programma mijn pad wel kruisen. Het is gewoon een kwestie
van afwachten."
