Labels


Sinterklaas heeft het tegenwoordig niet onder de markt. Naar zijn gratis Lijnabonnement kan hij fluiten, de rusthuizen worden duurder, en zijn volledige contingent werknemers ligt onder vuur. Vooral in Nederland wordt moord en brand geschreeuwd om de racistische symboliek van Zwarte Piet. Onze man trok naar Den Haag met een pot roetschmink en een zak vol lekkers om de gemoederen te bedaren. "Die hele discussie heeft me een jaar van mijn leven gekost." (6 december '14) 



"Succes, jongens: we verwachten heel veel kinderen vandaag, dus het wordt lekker doorwerken." Terwijl een elftal pieten in het grootste winkelcentrum van Den Haag de laatste restjes blanke huid in hun oorschelpen en neusgaten wegplamuren met roetzwarte schmink, geeft coördinatrice Vanessa hen een laatste briefing over het programma van de dag. Dat ze eerst een aantal workshops moeten begeleiden, dat het fotomoment met Sinterklaas het hoogtepunt wordt, en dat ze de kinderen vooral moeten overladen met pepernoten: "we hebben er toch meer dan genoeg."

Een week voor 6 december heeft dit gezelschap van Sint- en Pietvertolkers de meeste grote evenementen al achter de rug, en houden ze vooral de vlam van het consumentenvertrouwen brandende in winkelcentra en op koopzondagen. In Nederland is Sinterklaas immers big business: de voorbije maanden zagen de detailhandels in cadeautjes en lekkernijen een recordomzet van 530 miljoen euro binnenstromen, en de feestelijke intocht van de goedheilig man overal te lande brengt meer volk op de been dan het gemiddelde U2-concert. Maar dit keer verliep dat niet zonder slag of stoot. Tijdens de intrede in Gouda begin november werden 90 betogers en relschoppers gearresteerd na een confrontatie tussen voor- en tegenstanders van de trouwe kompaan van de Sint: Zwarte Piet.

Die discussie is niet nieuw. Terwijl Vlaanderen zich begin jaren '90 vergaapte aan het onvolprezen Dag Sinterklaas van Bart Peeters en Hugo Matthyssen, deden voornamelijk Surinaamse actiecomités verwoede pogingen om de Nederlanders aan het verstand te brengen dat Zwarte Piet een kwetsend symbool was. Het clowneske gedrag, het dommige taalgebruik en de onderdanige positie tegenover een oude blanke man riepen pijnlijke herinneringen op aan het koloniale verleden van Nederland. Onze Noorderburen lieten het jarenlang niet aan hun hart komen, maar sinds de Verenigde Naties in 2013 de traditie als racistisch bestempelden, wordt de discussie over een ander imago voor Zwarte Piet op het scherpst van de snee gevoerd. Bij de intocht in Gouda bevonden zich zelfs undercoveragenten - pistoolpieten - onder het gevolg van de Sint.

 Allemaal flauwekul 

Over dat alles rept Vanessa met geen woord, maar dat betekent niet dat haar Pieten er zelf niet van wakker liggen. "Die hele discussie heeft een jaar van mijn leven gekost," zegt de 59-jarige Paul. "Ik speel al 10 jaar met het grootste plezier Zwarte Piet, maar in de huidige sfeer kan ik er gewoon niet meer ontspannen naartoe leven."

Zijn woorden kunnen op begrip rekenen bij zijn collega's. "Ik vind het echt onnozel dat het debat bij ons zo hevig gevoerd wordt," zucht Joke. "Het was zo'n mooie traditie, maar op deze manier gaat ze kapot. Als ik in de huid van Zwarte Piet kruip, heb ik niet het gevoel dat ik een racistische karikatuur vertolk: ik ben gewoon zwart door het roet van de schouw, en probeer de kinderen gelukkig te maken."

Om de associatie met het roet van de schouw te verduidelijken, schakelde het evenementenbureau dat de Pietenvertolkers boekt onlangs over op roetzwarte schmink, in plaats van de oude, bruinere soort. Ook dat kan bij Joke op scepsis rekenen. "Dat we geen roodgestifte lippen of oorringen meer hebben, daar kan ik inkomen, want dat waren inderdaad stereotyperingen. Maar dat zwart is een beetje lastig: het fotografeert niet zo mooi. Kijk maar naar de foto's van onze recente intocht in Scheveningen. Je kan nauwelijks iets van ons gezicht zien!"

Maar nog liever dat dan de taferelen uit Gouda en Amsterdam, klinkt het snel. Daar waren ook gele kaaspieten en goudkleurige stroopwafelpieten van de partij. Het zorgt voor heftig ooggerol bij Paul. "Als ze mij volgend jaar vragen om zo'n regenboogpiet te zijn, kap ik ermee. Dat slaat echt nergens op. Nogmaals: Sinterklaas is een kinderfeest dat al honderden jaren bestaat, daar sol je niet zomaar mee. Al die kleurpieten lijken trouwens meer op zombies dan op kindervrienden. Heus, als die zwarte schmink zo racistisch was, dan zou Roberto hier niet lopen: hij is ook een donkere jongen." Roberto knikt, maar is een man van weinig woorden. Hij vat de visie van zijn collega's op de discussie samen: "Allemaal flauwekul."

Die muizenissen verdwijnen als sneeuw voor de zon wanneer de pieten het winkelcentrum binnenwalsen, links en rechts strooiend met pepernoten. Kirrende kinderen verdringen zich om hen heen, bezweren de pieten dat ze dit jaar braaf geweest zijn, en zingen liedjes als 'Sinterklaas Kapoentje' om hen te paaien. Een jongetje stopt Roberto een tekening toe vol kleurrijke kriebels - het heeft iets van een goedkope Rothko-imitatie, maar Roberto laat hem voelen alsof de tekening zo naast de echte meester in het Haagse Gemeentemuseum kan.

Het cliënteel van het winkelcentrum valt op zijn minst als multicultureel te omschrijven. Marokkanen praten er met Antillianen, Nederlanders met Turken, en elk vierde kind heeft een zwartepietenpakje aan - roetvegen incluis. Hier valt geen onvertogen woord tegen de pieten, en de gemoederen raken enkel verhit wanneer Sinterklaas zelve het podium bestijgt. Nog meer dan uit die van Zwarte Piet eten de kinderen uit de fluwelen handschoenen van de goedheilig man - als hij vandaag oproept om het stadhuis in fik te steken gooien de opdondertjes er zonder verpinken de hens in.

Paul kijkt er niet van op. "Bij dit soort bijeenkomsten is het publiek altijd dolenthousiast. Enkele weken geleden verzorgden wij de intocht in Den Haag: het regende pijpenstelen, maar het publiek stond wel rijendik toe te kijken. Ik heb eigenlijk nog nooit negatieve opmerkingen gekregen over mijn werk als Zwarte Piet. Nu krijgen we zelfs nog meer steun dan anders, net door die hele heisa."

Ook vader Anthony kijkt goedkeurend toe terwijl zijn kroost in de rij staat voor een foto met de excellentie uit Spanje. "Zwarte Piet is inderdaad een beetje een dubieus figuur: donkere jongens die door een blanke man met een boot vervoerd worden, dat doet denken aan slavernij. Maar ik kom uit Suriname, mijn voorouders waren slaven, en toch ben ik ook opgevoed met Sinterklaas en Zwarte Piet. Ik ben er zelfs trots op dat mijn ouders inzagen dat dit een Nederlandse traditie was, en niet meer dan dat. Die tolerantie probeer ik ook door te geven aan mijn eigen kinderen. En zeg nu zelf: hier loopt Zwarte Piet rond op rolschaatsen. Daar kan je toch niets op tegen hebben? Neen, als je tegenstanders zoekt, ga je ze hier niet vinden."

 Kaaskoppen 

Tijd om Anthony's raad ter harte te nemen. Verborgen achter een dikke laag roet en gewapend met een juten zak vol nicnacjes - kwestie van de Nederlanders ook wat Vlaams cultureel erfgoed door de keel te duwen - neem ik poolshoogte in een drukke winkelstraat vlakbij het Spuiplein, in het centrum van Den Haag. Een Marokkaans jongetje van negen stormt meteen op mij af. Dat ik geen pepernoten bij heb, vindt hij niet erg. Dat ik verkleed ben, ook niet. "Die witte pieten zijn echt belachelijk. Er zijn nu zelfs clownspieten, maar die zijn gewoon eng! Ik weet wel dat ze zeggen dat Zwarte Piet weg moet omdat je racistisch zou zijn, maar…" Hij kijkt naar zijn vrienden. "Op dat vlak krijgen we wel met ergere dingen te maken, hoor. Zo lang ie ons maar elk jaar pakjes brengt, is het goed!"

Ook de kleine Julia loopt me enthousiast tegemoet. "Ik vind je Pietenpak heel leuk," fleemt ze. "Ik wil er ook zo eentje!" Ik stop haar een handvol koekjes toe, en zeg dat als ze volgend jaar even braaf is als dit jaar, ze er misschien eentje krijgt van de Sint. Haar ouders trakteer ik op een verontschuldigende blik - als mijn beloftes hen maar niet in een lastig parket brengen. "Geen zorgen," sust moeder Kristien. "Tegen dan is ze dat al lang vergeten." Als ze wil, krijgt Julia van haar zelfs een stroopwafelpietenpak. "Je kan wel vinden dat die nieuwe pieten er raar uit zien, maar so what. Als blanken mogen wij niet te snel oordelen in die hele discussie. Blijkbaar voelt een grote groep mensen zich gekwetst door die figuur, dus dan moet je dat gewoon aanpassen. Het gaat om het feestelijke gevoel voor de kinderen, en die reageren er toch niet anders op dan op een gewone Zwarte Piet."

"Je kan natuurlijk niet alles in één keer veranderen," nuanceert echtgenoot Peter. "Waarschijnlijk zal dat geleidelijk gaan, net als bij roken. Nu is het ook niet meer vanzelfsprekend dat je je longen volpompt met vergif, maar het heeft jaren geduurd voor dat besef er kwam. Er zit trouwens nu al een evolutie in: in de jaren '60 had Zwarte Piet nog een stok om de kinderen te slaan, en sprak hij alsof hij mentaal achtergesteld was. Mensen zijn vaak bang van verandering, maar ook tradities evolueren nu eenmaal."

Niet iedereen is echter even flexibel als Kristien en Peter. Nadine komt gedecideerd aangetuft op haar elektrische scooter, en eist een selfie met "een echte Piet." Wanneer zoon Marco mijn accent hoort, klaart zijn gezicht op. "Ha, gij komt uit België, manneke! Daar hebben jullie dat hele gezeur met die paarse piet en die gele piet niet, zeker?" Hij kijkt naar zijn moeder. "We zouden beter naar daar verhuizen." Zij foetert. "Ik ben 60 jaar, en ik heb alleen maar de traditionele Zwarte Piet gekend. Wij moeten wel meedoen aan Suikerfeesten en de ramadan en dat soort onzin, maar onze tradities willen ze afpakken. Terwijl het hier vol loopt met Zwarte Pieten!" Ik lach, maar ze meent het. "Het is toch zo? Zij mogen kaaskop zeggen tegen ons, maar als jij hen Zwarte Piet noemt, heb je een probleem. Dat klopt toch niet?"

Nadine is niet te stuiten. "Weet je wat het ergst is, meneer? Ze komen hier de boel opvreten. Als een Nederlander in de shit zit omdat ie zijn baan is kwijt geraakt of in een scheiding zit, dan krijgt hij helemaal niets. Maar de allochtoon, die gaat altijd voor in Nederland." Marco springt haar bij. "Als je ziet wat ze hier allemaal krijgen, zouden ze beter wat minder commentaar hebben op de Nederlanders. Ik begrijp gewoon al dat gezeik niet." En dan komt het. "Geert Wilders heeft het nochtans duidelijk uitgelegd: Zwarte Piet ziet er gewoon zo uit omdat hij door een schoorsteen komt, die dikke rode lippen zijn helemaal geen verwijzing naar negers, en die oorringen zijn al helemaal niet fout, want slaven hadden gewoonweg geen oorringen. Waar zijn we dan mee bezig?"

 Alleen brave kinderen 

In het centraal station van Den Haag speelt een fanfare "Sinterklaasje, kom maar binnen met je knecht." Het zal wel nog even duren vooraleer dat aangepast wordt naar "Sinterklaasje, kom maar binnen met je gelijkwaardige partner," maar zo gek zou dat niet eens zijn, merkt de Britse Lindsay op. "De eerste keer dat ik Zwarte Piet zag, was ik gechoqueerd. In alle andere landen ter wereld zou een zwartgeverfde narrenfiguur enorm beledigend zijn. Ik woon intussen al vijf jaar in Nederland, dus ik weet wel dat er geen kwaad opzet mee gemoeid is. Maar ik denk dat Nederlanders niet altijd begrijpen dat zij zowat de enigen zijn die dit niet als racisme zien."

Ook Surinamer Marvin denkt er het zijne van. "Veel Nederlanders verdedigen de traditie door te benadrukken dat het om het zwart van de schoorsteen gaat. Mij goed, maar kom mij niet vertellen dat je van een tripje door de schouw zwart ziet tot achter je oren." Hij wijst naar mijn pak. "En kijk je kleren: die zijn kraaknet! Weet je, het zou veel minder aanstootgevend zijn indien Zwarte Piet zich niet volledig zwart schminkte, maar gewoon een aantal roetvegen aanbracht op zijn gezicht. Dan kan er geen discussie meer over zijn. En zeg nu zelf, zo'n grote aanpassing is dat toch niet?"

Dat is wat Marvin stoort aan de Zwarte Pieten-discussie: niet het racisme, maar de heisa er rond. "Eigenlijk heb ik totaal geen probleem met Zwarte Piet. Maar het debat wordt gewoon zó op de spits gedreven, langs beide zijden. Wat in Gouda gebeurde, met die relletjes en arrestaties op een kinderfeest: ronduit belachelijk. En dat zijn dan volwassen mannen! De media vergroten het debat ook enorm uit: eigenlijk speelt het vooral in de streek rond Amsterdam. Hier in Den Haag ligt niemand wakker van Zwarte Piet. Maar intussen gaan ze wel met alle aandacht lopen - over die hele oorlog met Islamitische Staat hoor je niets meer. Het gaat alleen maar over die domme discussie die groepen tegen elkaar op zet. En dat is zo zonde."

Marvin heeft gelijk: in Den Haag lijkt niemand aanstoot te nemen aan mijn gitzwarte verschijning. Waar ik door de berichtgeving halvelings vreesde gelyncht te zullen worden, blijkt iedereen vooral geïnteresseerd in mijn koekjes, een selfie, en wat ze op zes december in hun schoen zullen vinden. Eén Antilliaanse schoonheid vraagt me zelfs knipogend of ik vind dat ze dit jaar zoet genoeg is geweest, en het vergt enige zelfbeheersing om haar niet vermanend toe te fluisteren dat ze een erg stoute meid is. Maar ik houd wijselijk mijn mond, en zeg dat er dit jaar enkel brave kinderen waren. Zwarte Piet kan verdere imagoschade immers wel missen.

Het anti-Zwarte Pieten-front: Glenn Codfriet
"Allochtonen durven niet protesteren tegen de witte meester"
Glenn Codfriet voert al 20 jaar strijd tegen van Zwarte Piet. Sinds 2011 doet hij dat met de actiegroep Roet in het Eten - zij organiseerden onder andere het protest in Gouda. Wanneer we hem confronteren met de enthousiaste ontvangst die we in Den Haag kregen, klinkt hij niet verbaasd.
CODFRIET: "Ik begrijp dat. Een grote groep mensen met allochtone achtergrond is dankbaar dat ze in Europa mogen wonen of is bang voor represailles. Sommigen beseffen ook niet ten volle hoe racistisch Zwarte Piet wel is. Onze taak is dus: hen overtuigen dat ze het recht hebben om te protesteren in 'het land van de witte meester'."
Ook in België komt het protest niet van de grond.
CODFRIET: "In België is de donkere minderheid Congolees - die mensen hebben een geschiedenis die niet zo hard met slavernij verweven is als de onze. Maar ook bij jullie willen we onze strijd voeren. Want traditie is geen excuus voor racisme. Stel dat Hitler de mensen wat langer in gaskamers had kunnen steken, dan was dat misschien ook een traditie geworden. En dat kan je toch ook niet verdedigen?"