Labels

(Foto: TVL)

Deze week stellen minister van Financiën Johan Van Overtveldt en staatssecretaris voor Fraudebestrijding Elke Sleurs (beiden N-VA) in het federale parlement hun beleidsverklaring voor. Beiden lijken ze een andere werkwijze te hanteren dan hun voorganger, John Crombez (SP.A): waar die vaak met de voet vooruit fiscale sjoemelaars te lijf ging, kiezen de N-VA-excellenties eerder voor de fluwelen handschoen. "De regering focust meer op de fraudebestrijders dan op de fraudeurs zelf," vindt SP.A-Kamerlid Peter Vanvelthoven. "Dat is de omgekeerde wereld." (21 november '14) 


Deze week stellen minister van Financiën Johan Van Overtveldt en staatssecretaris voor Fraudebestrijding Elke Sleurs (beiden N-VA) in het federale parlement hun beleidsverklaring voor. Daarin zetten ze de lijnen uit van hoe de regering de komende jaren de fiscale fraude gaat aanpakken. Beiden lijken ze echter een andere werkwijze te hanteren dan hun voorganger, John Crombez (SP.A). Waar die vaak met de voet vooruit fiscale sjoemelaars te lijf ging, kiezen de N-VA-excellenties eerder voor de fluwelen handschoen.

Zo wil Van Overtveldt een onafhankelijk orgaan van boekhouders en financieel advocaten toezicht laten houden over de belastingsinspectie. Daarmee beantwoordt de minister een verzuchting van de bedrijfswereld, waar enige onvrede heerst over de 'cowboypraktijken' van de Bijzondere Belastingsinspectie (BBI). Maar lijkt zo'n waakhond niet te zeer op een motie van wantrouwen jegens de fiscus? 
PETER VANVELTHOVEN (Kamerlid SP.A): "Wie de verklaringen van Van Overtveldt en Sleurs leest, krijgt inderdaad sterk de indruk dat de regering meer focust op diegenen die de fraude bestrijden dan op de fraudeurs zelf. Dat is de omgekeerde wereld."
KAREL ANTHONISSEN (gewestelijk directeur BBI): "Ach, dat zogenaamde Comité F hangt al jaren in de lucht. Vroeg of laat komt dat er toch. Dat hoeft geen probleem te zijn. Het Comité P is toch ook geen motie van wantrouwen tegen de politie? Of het Rekenhof tegen de overheid?"
"De regering heeft het nu vooral over redelijkheid, mensenrechten en proportionaliteit. Daar kan ik natuurlijk niets op tegen hebben. Voorlopig zie ik dan ook niets dat erop wijst dat de nieuwe regering de klok van de fraudestrijd wil terugdraaien, maar ik wacht vol spanning op de wetteksten."

Sleurs en Van Overtveldt wil vooral een minder vijandige relatie tussen fiscus en ondernemers. Is de situatie daar dan zo ontspoord?
ANTHONISSEN: "Daar moeten ze bepaalde mensen toch een spiegel voorhouden. Je moet maar eens naar de fiscale rechtbank gaan: daar vliegen de verwijten van fiscaal advocaten de belastingcontroleurs om de oren. Ofwel zijn we dommeriken die de ene procedurefout na de andere maken, ofwel zijn we bruten die geen enkele consideratie hebben voor mensenrechten. Ik ben dus honderd procent voor meer respect in het fiscaal debat, maar wij zijn niet diegenen die staan te schelden."
VANVELTHOVEN: "Sleurs wil dat de belastinginspectie meer in dialoog gaat met de mensen die ze onderzoeken, en er zijn natuurlijk situaties waar het goed is dat men eerst spreekt met de belastingplichtigen. Maar als je op grote fiscale fraudedossiers werkt, moet je die gewoon hard aanpakken, punt."

Die dialoog zou onder andere moeten helpen om 'accidentele fraudeurs', die het slachtoffer werden van onze complexe fiscale wetgeving, te ontzien.
ANTHONISSEN: "Dat gebeurt nu al, hoor. Wij kunnen bij fraudegevallen in principe boetes tot 200% eisen, maar afhankelijk van de ernst van het misdrijf eisen wij soms maar 30 à 50 procent."
VANVELTHOVEN: "Natuurlijk is proportionaliteit aangewezen, maar Sleurs doet het bijna lijken alsof fraude een subjectief begrip is. Terwijl het gaat om doelbewust de fiscale wetgeving niet volgen. Ik ben evenzeer vragende partij voor een fiscale vereenvoudiging, maar dat mag geen excuus zijn om doelbewust frauderen met de mantel der liefde te bedekken. En eerlijk gezegd: deze regering lijkt veel harder te zijn voor sociale fraude dan voor grote fiscale fraudeurs. Dat is geen goed signaal: je moet alle vormen van fraude even hard aanpakken."

De regering zou ook het visitatierecht willen 'evalueren'. Dat is een belangrijk wapen voor de BBI: het geeft hen de mogelijkheid om zonder tussenkomst van een onderzoeksrechter bij een belastingplichtige binnen te vallen. Vreest u een inperking?
ANTHONISSEN: "Ik wacht de evaluatie af. Ikzelf ben al langer vragende partij voor een nieuw kader rond die visitatieregeling, want door de technologische vooruitgang is het nu veel gemakkelijker om grote hoeveelheden informatie in beslag te nemen."
VANVELTHOVEN: "Ik vrees toch dat 'onderzoeken' in dit geval een verbloeming is voor 'terugschroeven'. Wie raakt aan het visitatierecht, speelt met de beweegruimte van de BBI. Als je alleen maar ergens kan binnengaan als diegene die onderzocht wordt akkoord gaat, heeft het nog weinig zin. En ik vrees dat men de BBI op deze manier wil kortwieken in de strijd tegen grote fiscale frauders. Dat is op zijn minst een zorgwekkende evolutie."