Labels

(Foto: RTBF)

Maandag stelden Hans Bonte, Bart De Wever en Bart Somers in Antwerpen hun brochure over het beheersen van moslimradicalisering voor. Daarmee willen de burgemeesters paal en perk stellen aan de radicalisering van Vlaamse moslimjongeren die naar Syrië vertrekken. Maar dat is geen evidente strijd, zegt Hans Bonte. "We moeten te vaak machteloos toekijken."

De eerste berichten over Vlaamse jongeren die naar Syrië vertrokken, bereikten ons begin maart van dit jaar. Michèle Coninsx, het Belgische hoofd van het juridische agentschap Eurojust, maakte melding van "honderden Europese jongeren" en "tientallen Vlaamse moslims" die naar het Midden-Oosten waren getrokken om strijd te leveren tegen het regime van Bashar al-Assad. Zo treedt een aanzwellend legioen van buitenlandse moslimstrijders toe tot het rebellenleger. Dat bestaat naast nationalistische brigades immers ook uit salafistische troepen die een heilige oorlog uitvechten tegen het "ongelovige" regime van al-Assad.

Die toestroom aan internationale huurlingen valt volgens politicoloog Bilal Benyaich (VUB), auteur van Islam en radicalisme bij Marokkanen in Brussel, toe te schrijven aan een meer algemene radicalisering in moslimmiddens. "Je kan je niet voorstellen wat voor haat er leeft op televisiezenders uit islamitische landen. Religieuze sjeiks roepen op om te gaan vechten, 'want onze soennitische broeders worden afgeslacht door de sjiitische barbaren!' Saoedi-Arabië is de grote motor van dat haatklimaat."

Het is een ideologische strijd die al jaren wordt uitgevochten. De Saoedi-Arabische salafisten, radicale moslims, richten zich tegen gematigde vormen van islam en secularisme in de Arabische wereld. Onder andere door hun oliedollars in te zetten proberen de Saoedi's hun visie overal op te dringen. "Maar nu is er meer frictie dan ooit," volgens Benyaich. "Dat heeft te maken met de geopolitieke omwentelingen in het Midden-Oosten, zoals de Arabische Lente." Op die manier worden moslims opgeruid om te gaan vechten in Syrië. "En met succes," vervolgt Benyaich, "getuige de duizenden Tunesiërs en vele Marokkanen die het rebellenleger vervoegen."

Via satellietzenders komt de conservatieve islam nu ook binnen in West-Europese huiskamers. Maar dat ook Belgen massaal huurling gaan spelen in de woestijn, lijkt een nieuw fenomeen. In haar jaarverslagen maakt de staatsveiligheid wel melding van Belgen die in de jaren '80 in Afghanistan uit solidariteit met onderdrukte geloofsgenoten gingen strijden tegen de Sovjetbezetters, maar dat was een verwaarloosbaar aantal. Ook eind 2001 vertrok een tiental Belgen om deel te nemen aan de oorlog tegen de Amerikaanse bezetting van Afghanistan. Maar dat verbleekt bij het legertje Vlamingen dat vandaag in Syrië vertoeft. Dat zou namelijk aangezwollen zijn tot zo'n 200 strijders - waarvan al zo'n tiental gesneuveld zou zijn.

 Sharia4Belgium 

Benyaich verklaart de populariteit van de oorlog deels door de opruiende taal van de Saoedi's, maar kaart ook de toenemende radicalisering van Belgische moslims aan. "Brussel groeit stilaan uit tot de hoofdstad van de islam in Europa," stelt Benyaich. Er zouden zo'n 150.000 Brusselaars met Marokkaanse roots zijn - anderhalve keer meer dan het aantal Vlamingen in Brussel. En de cijfers die de Belgische veiligheidsdiensten hanteren over het aantal radicalen onder hen, zouden wel eens een grove onderschatting kunnen zijn. Terwijl de Staatsveiligheid het op een honderdtal radicalen houdt, zijn er volgens Benyaich er honderden militante salafisten in Brussel, waarvan enkele tientallen met jihadistische sympathieën."

Ook de Belgische overheid speelde een rol in de radicalisering. Eind jaren '70 kreeg de door salafisten gerunde Grote Moskee in Brussel meer inspraak in de benoeming van islamleerkrachten en imams. Met als gevolg dat vandaag niet alleen een significant aandeel van de leerkrachten in moskeeën, maar ook in staatsscholen salafistische sympathieën heeft.

Een belangrijke factor in de radicalisering van Belgische moslims is het feit dat de Belgische overheid in de jaren zeventig en tachtig de evolutie een handje toe stak door de door salafisten gerunde Grote Moskee in Brussel meer inspraak te geven in de benoeming van islamleerkrachten en imams. Met als gevolg dat vandaag niet alleen een signficant aandeel van de leerkrachten in moskeeën, maar ook in staatsscholen salafistische sympathieën heeft.

De radicalisering is vandaag dan ook geen exclusief Brussels probleem meer. Steden als Mechelen, Antwerpen en Vilvoorde leveren nu zelfs meer strijders voor de bevrijding van Syrië dan onze hoofdstad. Dat zo ook Vlamingen deelnemen aan de strijd, noemt Benyaich een nieuwigheid. "Tot voor kort zagen we voornamelijk Brusselaars op buitenlandse strijdtonelen. Sommige van deze nieuwe Syriëstrijders blijken gesocialiseerd in het milieu van Sharia4Belgium." Ondertussen zouden meer dan dertig aan deze organisatie gelieerde jongeren in Syrië zitten of onderweg zijn.

"Sharia4Belgium is nu wel opgerold, maar het is niet omdat hun leiders nu vast zitten dat diegenen die hun ideeën verkondigen monddood zijn," zegt Hans Bonte (sp.a), burgemeester van Vilvoorde. "Actieve rekruteerders spelen nog steeds een belangrijke rol in de radicalisering. Men probeert de jongeren te bereiken via Facebook, internet, sms'en. Men probeert hen echt te matrakkeren met de gedachte dat wie niet meedoet aan de strijd, een lafaard is."

 Experimenteren 

In Vilvoorde zit de schrik voor vertrekkers er vandaag nog steeds in. In het voorjaar waren al een twintigtal jongeren vertrokken, in augustus kwamen er daar nog tien bij. De situatie blijft echter onoverzichtelijk. "Eind september zal pas duidelijk worden hoeveel extra vertrekkers er zijn. Nu blijven nog wel wat schoolbanken leeg, maar het begin van het schooljaar is altijd een chaotische periode," zegt Bonte. "We horen wel dat er nog op vertrekken staan. Maar het is toch oppassen geblazen: bij sommige meldingen bleek al dat die jongeren gewoon in Nederland zaten. Helaas hebben we ook al gevallen gekend van jongeren die hun ouders op het hoofd zweren niet te zullen vertrekken en dan plots toch weg zijn." 

Het maakt de situatie in Vilvoorde er niet gemakkelijker op. "Vilvoorde is een kleine gemeenschap. Als kennissen van lokale jongeren vanuit Syrië verkondigen hoe goed het daar is, en wat voor eerlijke strijd ze voeren, zorgt dat voor extra aantrekkingskracht," weet Bonte. In Vilvoorde zou de opvallende uitstroom deels verklaard kunnen worden door de aanwezigheid van Hussein Elouassaki in Syrië. De Vilvoordenaar was de rechterhand van Fouad Belkacem, en was een van de eerste Syriëstrijders uit de Sharia4Belgium-beweging. Hij wordt gezien als een charismatisch figuur in zijn thuisstad, waardoor de groepsdruk om te vertrekken uit Vilvoorde enkel groter werd.

Radicalisering is echter geen losstaand feit, zegt Benyaich. "Dat heeft een voedingsbodem nodig. Jongeren met identiteitsproblemen - en die vind je genoeg in bepaalde Europese migrantenwijken - zijn er zeer vatbaar voor. De haatdragende salafistische vertogen moet je zien als de software die geïnstalleerd wordt op de hardware van een moeilijke jeugd, een perspectiefloos bestaan, of een gebrek aan zelfrespect. Als je dan verkeerde vrienden maakt, kan het snel fout gaan. Zo gaat het met jongeren die naar goafeestjes gaan en experimenteren met drugs, maar ook met jongeren die plots zware salafisten worden en de hele dag zitten te bidden."

 Koude rillingen 

"Als die kwetsbare jongeren in contact komen met charismatische radicale predikers, krijg je een gevaarlijke cocktail. Zij kunnen die jongeren gemakkelijker bereiken dan de meer gematigde, eerder elitaire moslims. Ze spreken ook de taal van de straat - een beetje als de hiphoppers in de VS, zeg maar. Ze zijn bovendien het Nederlands erg goed machtig, wat hen veel toegankelijker maakt voor jongeren, die vaak niet voldoende Arabisch kennen om de koran te lezen. Het is zoals met de arbeidersklasse: zij kunnen zich niet meer vinden in het discours van de socialistische elite, met hun nadruk op progressiviteit, multicultuur en ecologie. Maar ze herkennen zich wel in de taal van het Vlaams Belang, die aan duidelijkheid niets te wensen overlaat, omdat die zwart-wit is."

"In de voorbije maanden hebben we inderdaad meer impulsvertrekkers gezien," zegt Hans Bonte. "Dat zijn dan jongeren die zich slecht in hun vel voelen. Ze hebben een strafblad, voelen zich niet thuis in de samenleving, of zijn net gedumpt door hun lief." Dat onbehagen maakt hen volgens Bonte meer vatbaar voor radicalisering. "Je staat er soms van versteld hoe dogmatisch die jongeren worden. Als iemand de essentie van zijn bestaan samenvat als sterven in Syrië, dan krijg je koude rillingen. En dat proces kan snel gaan: ik weet van jongeren die hier opgegroeid zijn, maar door omstandigheden op een paar weken totaal radicaliseren, tot op het punt dat ze een jihad willen gaan voeren. Dat is verontrustend."

Maar hoe pak je dat probleem aan? "Die ideeënstrijd, kan alleen aangepakt worden door moslims zelf," zegt Bilal Benyaich. "Het gaat om een eeuwenoud conflict tussen de rationele islam enerzijds en anderzijds de irrationele, primitieve islam, die de moderniteit verwerpt en bereid is om te doden in naam van religie. Het hoogtepunt van die radicalisering is allicht al voorbij, maar het gaat binnen een mondiaal kader wel nog heel wat jaren, zoniet decennia duren."

"Maar ook die voedingsbodem moet aangepakt worden. Die jongeren moeten uit de marginaliteit gehaald worden, en liever vandaag dan morgen. In tussentijd moet er ook gereageerd worden tegen diegenen die nu over de schreef gaan en oproepen tot geweld, of naar Syrië trekken." Momenteel worden Syriëstrijders vooral aangepakt door de geldkraan dicht te draaien. In augustus werden 29 moslimstrijders in Antwerpen en Vilvoorde ambtelijk geschrapt nadat politie en inlichtingendiensten vaststelden ze geregeld de grens overstaken om bij Turkse banken hun stempelgeld af te halen.

 Machteloos 

In Vilvoorde wordt ook ingezet op preventie. Van zodra meldingen over mogelijke vertrekkers opduiken, zoekt Bonte contact. "De grootste impact kan uitgaan van mensen die dicht bij die jongeren staan. Vrienden, lieven, sportclubs, en ook de geloofsgemeenschap. Zo proberen moskeeën hier gelovigen te overtuigen hun gezonde verontwaardiging over wat in Syrië gebeurt om te zetten in solidariteit, onder andere door zich in te zetten voor inzamelacties en andere vormen van humanitaire steun. We proberen hen te overtuigen geen domme dingen te doen, maar we moeten realistisch zijn over de limieten aan onze overtuigingskracht. Als meerderjarigen écht naar Syrië willen trekken, kunnen we ze moeilijk tegenhouden."

Met de brochure Beheersen van Moslimradicalisering wil Bonte nu samen met Antwerps burgmeester Bart De Wever (N-VA) en Mechels burgervader Bart Somers (Open VLD) zijn aanpak doorgeven aan collega-burgemeesters, maar ook aan sociale organisaties en schoolpersoneel. Er wordt in beschreven wat die radicalisering inhoudt, en hoe lokale besturen erop kunnen reageren om te beletten dat jongeren naar Syrië trekken. Die aanpak werkt, klopt Bonte zich op de borst. "Ik heb weet van een vijftal jongeren die we op een manier uit het proces gehaald hebben en weerhouden hebben met hun ogen in de val te lopen."

Maar toch kan er meer gedaan worden, vindt de Vilvoordse burgemeester. Hij stelde eerder al voor om de identiteitskaart van minderjarigen waarvan verwacht wordt dat ze zouden kunnen vertrekken, preventief in te trekken. Dat voorstel stond in het preventiepakket van minister van Binnenlandse Zaken Joelle Milquet (CDh), dat in april echter sneuvelde in het parlement. "Dat was omdat haar versie nogal overdreven was. Ze heeft er iets van gemaakt waarbij zowat elke jongere die op vakantie wil, eerst aan de burgemeester om toestemming moet komen vragen. Ik wil gewoon een richtlijn die het mogelijk maakt die papieren vlotter preventief in te kunnen trekken. Ik vind het echt absurd dat men daar nog niet uit is op het federale niveau. Zelfs als ouders aangifte komen doen omdat ze schrik hebben dat hun kinderen zouden vertrekken, moeten wij nog machteloos toekijken. Daar word ik echt boos van. Ik ga binnenkort dan ook samen zitten met mijn collega-burgemeesters om samen aan zo'n wetsvoorstel te werken."

Bilal Benyaich, Islam en radicalisme bij Marokkanen in Brussel, uitgeverij Van Halewyck, Leuven, 208 blz., 17,50 euro.