Labels

(Foto: De Standaard)

Pascal Smets onderwijshervorming had een van de paradepaardjes van de regering Peeters II moeten worden. Vorige week werd ze echter herleid tot het schoolvoorbeeld van de stilstand die de regering kenmerkt. De onderwijsminister werd zo – tegen zijn natuur in - in een schaduwrol gedwongen.


Vlaams Onderwijsminister Pascal Smet (45) heeft al betere tijden gekend. Zijn ambitieuze onderwijshervorming – een brede eerste graad, die het watervalsysteem moest afzwakken – moest een lichtpunt worden in een regering waar tot dusver weinig begeesterende projecten gerealiseerd werden, maar kon op steeds minder steun rekenen. Minister-president Kris Peeters (CD&V) trok het dossier dan maar naar zich toe, en richtte zich daarbij vooral op N-VA-voorzitter Bart De Wever – niet in de regering, maar in het parlement wel zonder ironie de schaduwminister van onderwijs genoemd.

Intussen moest Pascal Smet zich gedeisd houden. Een hemelsbreed verschil met de regeringsvorming in 2009, toen sp.a met de flamboyante Brusselaar een regelrechte voluntarist op het departement Onderwijs plaatste. “Pascal is een idealist,” zegt toenmalig sp.a-voorzitster Caroline Gennez nu. “Zijn frisse blik moest een meerwaarde zijn voor het onderwijsdebat. Bovendien had hij in de asielsector al bewezen een goede hervormer te zijn.” Met Smet als commissaris-generaal voor de vluchtelingen, begin jaren 2000, was het aantal asielaanvragen teruggelopen van 42.000 tot minder dan 20.000 – een beleid dat hem op lof uit alle hoeken kwam te staan omwille van zijn consequente, harde lijn.

Het leverde in 2003 de interesse van Steve Stevaert op. Hij loodste Smet de politiek binnen als Brussels staatssecretaris – en later minister – van Mobiliteit. Ook daar viel hij op met degelijk bestuur, maar naar het eind van de legislatuur ergerden zijn coalitiepartners zich steeds meer aan het soms eigengereide optreden van Smet. Sp.a werd bij de regeringsonderhandelingen in 2009 dan ook buitenspel gezet door Open VLD, CD&V en Groen! – een demarche die Smet nog altijd zwaar op de maag ligt.

Maar Smet werd opgevist in de Vlaamse regering, en niet alleen omwille van zijn hervormersimago. “Pascal is een certitude, aangezien CD&V noch N-VA de Brusselaar voor de regering willen leveren,” schreef Barteld Schutyser in zijn beruchte adviesmail aan Caroline Gennez. Zijn ervaring als crisismanager leek hem initieel ook geen windeieren te leggen. Hij pakte het scholentekort aan, zorgde voor extra omkadering in het kleuteronderwijs, en zou diezelfde vastberaden aanpak doortrekken in zijn hervormingspogingen.

 “Zijn eigen ervaring met het secundair onderwijs speelt zeker een rol in zijn gedreven aanpak van die hervorming,” klinkt het bij Kathleen Deckx (sp.a), lid van de bevoegde commissie. Toen Kris Peeters in november 2012 voor het eerst Smets hervormingsnota van tafel veegde, benadrukte een geëmotioneerde Smet op het spreekgestoelte in het Vlaams Parlement dat hij ook uit een arbeidersgezin kwam. “Ik vond mijn draai niet in het secundair: het heeft niet veel gescheeld of ik werd naar de handelsschool gestuurd.”

“Pascal is geduldig,” zegt Deckx, “maar als het niet snel genoeg gaat, wordt hij zenuwachtig. Dan reageert hij scherper. Dat wordt hem niet altijd in dank afgenomen, maar dat is nu eenmaal zijn stijl.” Ook deze legislatuur kreeg Smet vaak het deksel op de neus. Zijn loopbaanpact, extra Frans in het lager, de tweejarige masteropleiding… Smet wou zowat het hele onderwijsveld hervormen. Het kwam hem op forse kritiek van de oppositie te staan. Minder ballonnetjes, meer bedachtzaamheid, leek het credo.

 “Ik heb altijd gevonden dat Pascal Smet eigenaardig gecast was,” zegt Vlaams Parlementslid Elisabeth Meuleman (Groen).  “Hij is ambitieus, oprecht en begeesterd – op zich positieve eigenschappen, maar op gevoelige domeinen als Onderwijs vertaalt zich dat al gauw in een gebrek aan tact. Hij speelt graag eerste viool, maar je ziet dat ministers als Marleen Vanderpoorten en Frank Vandenbroucke dat veel strategischer aanpakten en meer gerealiseerd kregen.”

Toch wordt Pascal Smet vanuit het middenveld een gebrek aan daadkracht verweten. Mieke Van Hecke, hoofd van het katholiek onderwijs, wreef hem in een interview ooit een gebrek aan durf aan. “Als minister moet je ondanks het getier van het middenveld kunnen inschatten hoe groot je speelruimte is. Ik vraag me soms af of Pascal Smet dat wel kan.” Ook Georges Monard, de onderwijsspecialist die mee aan de basis lag van de hertekening van het onderwijs, twijfelt. “Smet kent het dossier tot in de puntjes, maar een jaar voor de verkiezingen de discussie aanvatten is wel erg krap.” Vooral aangezien Smet meermaals zei dat “de kiezer hem in 2014 op de onderwijshervorming mag afrekenen.” Met het akkoord dat nu op tafel ligt – waarin de beslissing vooral na 2014 wordt genomen – lijkt dat meer dan ooit het geval te worden. Het wordt interessant om te zien of de zelfverklaarde “minister voor de toekomst” dan nog een toekomst heeft.