![]() |
| (Foto: Superman Returns) |
In Hollywood lijken alle schurken wel gespierde Stephen Hawkings met kalasjnikovs en leren jekkers. Toch krijgt het gros vroeg of laat het spreekwoordelijke deksel – en vaak een letterlijke vuist – op de neus. Nogal wiedes, als ze steeds dezelfde fouten maken. Niet om u aan te moedigen, maar indien u toch op weg bent naar wereldheerschappij, hou dan rekening met deze waardevolle Hollywoodlessen.
1. Rekruteer deftig
Film na film banen John ‘Die Hard’ McClane, John ‘Commando’ Matrix en John ‘Rambo’ Rambo zich dartel een weg door bossen van soldaten, terroristen en de occasionele sumoworstelaar. Volgens MovieBodyCounts.com hebben de Johns tesamen zo’n 456 doden op hun geweten – en hoewel de kogels hen geregeld om de oren fluiten, lopen ze zelden meer dan een schampschot op. En dat zijn films die dateren van vóór The Matrix-trilogie kwam aandraven met limbo-gewijs kogels ontwijken.
De gevierde filmcriticus Roger Ebert noemde dat verschijnsel The Principle of Evil Marksmanship. De vereende krachten van het kwaad mogen dan wel bestaan uit stoere soldaten, sublieme schutters of meedogenloze moordenaars: als ze het moeten opnemen tegen een held met goed zittend haar, zijn ze plots even goed bij schot als Bjorn Vleminckx met een blinddoek. In de Bondfilm For Her Eyes Only slaagt slechterik Eric Kriegler, nota bene een Olympische biatleet, er bijvoorbeeld wel in om van op tientallen meters 007s flinterdunne skistok aan flarden te knallen, maar kan hij de Engelsman die op ski’s een helling afdaalt maar niet raken.
In The Hunt for Red October lukt het de onnavolgbare Sean Connery zelfs tot twee keer toe een torpedo te ontwijken met een Sovjet-duikboot – een gevaarte dat doorgaans even makkelijk manoeuvreerbaar is als een bewusteloze Maggie De Block. De absolute kampioen van dit principe is echter Daredevil-schurk Bullseye, gespeeld door Colin Farrell. Zijn superkracht is dat hij altijd raak schiet, tot hij met Daredevil – nota bene een blinde Ben Affleck – te maken krijgt. Als de VRT ooit een marketingstunt zoekt: wij kennen de ideale posterboy voor Ooit Gemist.
Maar ook op kleinere schaal slagen Grote Criminelen er maar niet in deftig voetvolk aan te werven. In de Quentin Tarantino-klassieker Reservoir Dogs moet topgangster Joe Cabot (Lawrence Tierney) amper zes bankovervallers selecteren voor zijn eliteteam, maar verknoeit hij het nog. Zowel de psychopathische Mr. Blonde (Michael Madsen) – die al tijdens de overval helemaal flipt en later een agent van een coupe Vincent Van Gogh voorziet – als de undercover flik Mr. Orange (Tim Roth) – die de hele operatie verlinkt aan het commissariaat – mogen deelnemen aan de delicate operatie.
Martin Scorcese drijft dat laatste in The Departed nog wat meer op de spits: hoewel maffiabaas Frank Costello (Jack Nicholson) weet dat Billy Costigan (Leonardo DiCaprio) een aantal maanden geleden nog aan de politieacademie studeerde, betrekt hij hem toch in zijn plannen. Nicholsons onderzoek was nochtans erg diepgaand: hij heeft het eens beleefd gevraagd.
Supertip voor superschurken: Bij het plannen van uw internationale misdaadorganisatie, investeer sterk in de Human Resources-afdeling. Zonder serieuze achtergrondscreening heeft het écht geen zin een perfecte misdaad te plannen.
2. Beheers uzelf!
In de eerste Die Hard-film meent Hans Gruber (Alan Rickman met een Duits accent) die perfecte misdaad overigens perfect uitgekiend te hebben. Met zijn 13 – dat is gewoon het lot tarten, Hans – handlangers rooft hij ruim 600 miljoen dollar uit de kluizen van het Nakatomi Plaza Hotel. Zijn ontsnappingsplan spreekt echter nog meer tot de verbeelding: alle bewoners van het hotel gijzelnemen, naar het dak van het gebouw brengen, en de boel tot ontploffing brengen. Intussen kunnen de boeven in de chaos ongemerkt ontsnappen. De perfecte dekmantel, weet Gruber, aangezien de FBI zal denken dat het louter een terroristische daad was, en dat de Duitsers zichzelf meteen ook opbliezen.
Dat klinkt aanlokkelijk, maar uiteindelijk is het een kwestie van tijd voor de FBI ontdekt dat de kluis leeg is, en ze een paar terroristenlijken te kort komen. En door zijn eenvoudige overval – die naast de FBI waarschijnlijk enkel InterPol zou alarmeren – te maskeren met gijzelingen, verschillende moorden, en een ontplofte wolkenkrabber, zou Gruber zich het hele Amerikaanse leger op de hals halen. Al bij al had hij dus geluk dat John McClane (Bruce Willis zonder schoenen) hem met een welgemeende yippie-ka-yay uit de 40e verdieping keilde – hij had evengoed in Guantanamo kunnen eindigen.
Ook in de Nicholas Cage-klassieker The Rock lijkt de schurk elke zin voor proportionaliteit verloren te hebben. Ed Harris speelt General Hummel, een Irakveteraan die het beu is dat de Amerikaanse overheid hem en zijn soldaten willekeurig inzet voor illegale missies. Hij vindt er niet beter op dan samen met zijn handlangers 81 toeristen te gijzelen op Alcatraz, en dreigt ermee zenuwgasraketten op San Francisco af te schieten als de Amerikaanse regering niet met 100 miljoen dollar over de brug komt. Dat geld wil hij uitdelen aan de families van gesneuvelde strijdmakkers. Zijn relatief nobele plan wordt echter gedwarsboomd door het meest onwaarschijnlijke duo sinds Johnny Rotten en Marc Reynebeau - Nicholas Cage en Sean Connery.
Hij had natuurlijk ook gewoon kunnen doen wat de Veterans for Peace sinds enkele jaren in Amerika doen: lobbyen in het parlement en betogingen organiseren tegen de oorlogen. Maar dan was de film ongetwijfeld een pak saaier geweest.
Supertip voor superschurken: In die Beschränkung zeigt zich der Meister, luidt een Duits gezegde. Al moeten we misschien niet te veel lessen trekken van een volk dat een heel ras probeerde uit te moorden omdat ze geen blond haar hadden.
3. Bezint eer ge begint
Sommige schurken ontwikkelen dan weer zulke uitgebreide dekmantels, dat ze hun eigenlijke doel uit het oog dreigen te verliezen. Jeremy Irons verheft dat principe haast tot kunst als de Duitse terrorist Simon Gruber in Die Hard with a Vengeance. Gruber wil de dood van zijn broer Hans in de eerste Die Hard-film wreken door John McClane (Bruce Willis) een als een soort Lara Croft met bierbuik door New York te laten draven om raadsels op te lossen en bommen te ontmantelen.
Terwijl de ganse politiemacht van de Big Apple McClanes race met ingehouden adem gadeslaat, kan Gruber echter ongestoord met zijn legertje Arische handlangers de goudvoorraad van de Federal Reserve leegroven. Een ogenschijnlijk geniaal plan, zo vond ook de FBI, die in 1995 zelfs de schrijvers van de film ondervroeg om zeker te weten dat ze de tent niet effectief planden te beroven. Hij maakte echter één cruciale fout: McClane bij de operatie betrekken. Het personage van Bruce Willis zat zes jaar eerder immers al op de eerste rij bij Hans Grubers verrassend gelijkaardige stunt. Erg lang duurt het dus niet vooraleer clevere Bruce hem door heeft.
Ook Lex Luthor uit Superman Returns is in dit bedje ziek. De wetenschapper annex industrieel kent alles van robotica, biochemie, ruimte-, tijd- én extradimensioneel reizen – wat hem meteen ook de beste touroperator ooit maakt – en wordt algemeen beschouwd als het meest intelligente wezen (aliens meegerekend!) in het DC strip-universum. Toch kan hij er niet met een beter plan voor de pinnen te komen dan uitgebreide vastgoedfraude.
Luthor wil de zeespiegel doen stijgen door een nieuw continent, gemaakt van kryptoniet, te creëren in het midden van de Atlantische Oceaan. Zo begint het gros van de wereld te lijken op Nederland zonder dijken, en worden de plaatsjes op zijn eiland peperduur. Want wachten op de opwarming van de aarde is voor mietjes.
Het lijkt een strak plan, ware het niet dat Luthors idyllische paradijs eigenlijk een steriel stuk steen is, waar weinig op kan groeien behalve een verlangen naar een vroege dood. Dat wel eens snel beantwoord zou kunnen worden, aangezien kryptoniet ook behoorlijk radioactief is. Het mag dan wel een superheldenfilm zijn: de enige superkracht die je daarvan krijgt, is kanker.
De prijs voor domste schurk gaat echter naar Deacon (Stephen Dorff) uit Blade. Hij droomt van een wereld die enkel bevolkt wordt door vampieren, maar gaat volledig voorbij aan het feit dat die vampieren zich dan niet meer zullen kunnen voeden met mensenbloed, en dus een hongerdood tegemoet gaan – of dringend een manier moeten vinden om vegetariërs te worden. Al een geluk dat Wesley Snipes er middels enkele fikse kung fu-trappen tegen Deacons bleke kont een houten staakje voor steekt.
Supertip voor superschurken: Vooraleer u uw meesterplan in werking zet: gelieve eerst even na te gaan of alle wegen wel degelijk naar Rome leiden. Een simpele checklist volstaat. Stap 1: wat heb ik nodig voor het slagen van mijn plan? Stap 2: verniel ik dat ergens tijdens de uitvoering van mijn plan? Indien ja, terug naar de criminele tekentafels.
4. Maak het in godsnaam af
Actiethrillers worden in trailers vaak gesleten als “een beklijvend kat-en-muisspel”. Dat zou op zich geen probleem zijn, indien muizen de gewoonte hadden om voor katten te gaan staan en hen te vertellen waar ze zijn, waar ze naartoe gaan, en wat ze daar gaan doen. Maar muizen zijn doorgaans slimmer dan dat. Filmschurken, daarentegen…
Roger Ebert noemde dit de Fallacy of the Talking Killer. De schurk heeft de held in een hoek weten te drijven, en plaatst de loop van zijn revolver tegen het bezwete voorhoofd van zijn rivaal. Maar in plaats van de trekker over te halen, slaat hij aan het socializen. Hij vertelt de held waar hij steken liet vallen, licht zijn snode plannen toe en verkneukelt zich om het lot van de protagonist – bij voorkeur mits maniakaal gelach. En intussen heeft de held tijd om een weg uit de penibele situatie te vinden.
Een voorbeeld: wanneer Robocop in de eerste film eindelijk de gelegenheidsslechterik, politiebaas Dick Jones, bij de lurven grijpt, crasht zijn cyborgsoftware. In plaats van de dag te plukken en de flik-van-blik meteen in een PMD-zak te stoppen, legt Jones echter geduldig uit waarom Robocop plots crasht (omdat Jones hem zo programmeerde) en wat zijn doel is (geld verdienen met een andere cyborg-flik). Daarbij houdt hij, ondanks dat hij zelf mee aan de wieg van de ijzeren held stond, geen rekening met het feit dat Robocop alles opneemt – want dat is nu eenmaal wat cyborgs doen. Een flinke tegenvaller, toen het op bewijsmateriaal aan kwam.
James Bond heeft op dit vlak nog het minste klagen. In de 23 Bondfilms hoorde 007 al meer opgebiechte zonden dan de gemiddelde pastoor. Daarbij heeft de oversekste Brit doorgaans het voordeel dat schurken zelfs na hun overbodige speech niet meteen een eind maken aan de zaak. Ze plaatsen de MI6-agent liever in een uitgebreide boobytrap – liefst een mechanisme waardoor de held traag afstevent op een versnipperaar (Licence to Kill), een vuurhaard (Diamonds are Forever) of een poel met alligators (Live and Let Die).
Al bracht Dr. No misschien wel de meest frappante boobytrap. Het meesterbrein uit de titel geeft een van zijn trawanten een kooi met een tarantula, en de opdracht om Bond daarmee om zeep te helpen. De handlanger laat de spin los in Bonds kamer, en wacht tot het onvermijdelijke zich voltrekt. Wanneer Sean Connery wakker wordt met de achtpotige kroelend in zijn borsthaar, is hij echter niet onder de indruk. En terecht: hoewel tarantulabeten inderdaad giftig zijn, doen ze niet veel meer schade dan een bijensteek. We kunnen enkel hopen voor Dr. No dat hij bedoelde dat Bond moest doodgeklopt worden met de kooi. Anders moet zijn academische graad dringend opnieuw geëvalueerd worden.
Supertip voor superschurken: Als u de held van het verhaal, de enige die in de weg staat van uw levenswerk, uw meesterplan, voor het afmaken hebt, ga dan onverwijld over tot de daad. Volgens Y.L. uit Ieper heeft u daar maar vijf minuten moed voor nodig.
